Toezicht op basis van de Erfgoedwet

Op grond van de Erfgoedwet houdt de inspectie toezicht op de archeologische monumentenzorg, op het beheer van museale collecties van het Rijk, op een zorgvuldige omgang met beschermd cultuurgoed en op de in- en uitvoer van cultuurgoederen. 

2017 stond in het teken van onder andere: 

  • toezicht op de Noordzee en de Waddenzee;
  • het onderzoek naar de mogelijke vergunningsverlening door gemeenten;
  • uitgebreide inspecties bij nieuwe musea die nu onder de Erfgoedwet vallen.

Kwaliteit van archeologisch onderzoek


Vanaf 1 juli 2017 moeten organisaties die opgravingen willen uitvoeren daarvoor gecertificeerd zijn. 2017 stond dan ook in het teken van de overgang van opgravingsvergunningen naar opgravingscertificaten. De certificering kwam aanvankelijk traag op gang, maar is succesvol verlopen. Dat dit gelukt is binnen de krappe tijd die daarvoor stond, is mede te danken aan de mogelijkheid in het archeologische systeem voor certificering tot afgifte van een certificaat onder voorbehoud. Dat mag, als de te certificeren organisatie op het moment van de audit geen veldwerk in uitvoering heeft dat onder het te auditen protocol valt. Er wordt dan alleen een kantooraudit  gehouden. De veldaudit moet wel zo spoedig mogelijk volgen, en uiterlijk binnen een jaar. Aan het einde van zomer 2017 waren 22 van de 49 afgegeven certificaten onder voorbehoud verleend. Voor zover bekend zijn na 1 juli 2017 geen opgravingen gestart door organisaties die daarvoor niet gecertificeerd zijn. 

In totaal zijn er nu 34 gecertificeerde bedrijven actief

De vijf instellingen die door de minister van OCW zijn aangewezen als certificerende instelling doen bij de Erfgoedinspectie de wettelijk verplichte meldingen over afgifte, schorsing en intrekking van certificaten. In 2017 zijn alleen meldingen gedaan van afgifte van certificaten. Bijna alle archeologische bedrijven die in 2016 actief waren op de opgravingsmarkt hebben één of meerdere certificaten behaald. Zes bedrijven zijn nieuwkomers op de markt: zij hadden in het verleden geen opgravingsvergunning. In totaal zijn er nu 34 gecertificeerde bedrijven actief. Ook hebben de meeste gemeenten met een opgravingsvergunning zich laten certificeren. Voor zes gemeenten is de certificering aanleiding geweest om te stoppen met het zelf doen van opgravingen.

Duurzame bewaar- en ontsluitingsfunctie van archeologische depots


In de vorige verslagperiode heeft de Erfgoedinspectie met het rapport ‘Graven in depots’ gerapporteerd over het behoud en toegankelijkheid in de provinciale archeologische depots. Omdat veel archeologische vondsten worden bewaard in gemeentelijke archeologische depots zijn deze depots in 2017 bezocht. Met een vragenlijst die grotendeels identiek is aan de vragenlijst voor de provinciale depots valt er een goede vergelijking te maken. In 2018 brengt de Erfgoedinspectie een rapport uit waarin verslag wordt gedaan van de uitkomsten.

Illegale opgravingen en toevalsvondsten


In 2017 is uitvoerig onderzoek gedaan naar de manier waarop de overheid en amateurs omgaan met het bergen van vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog. Dit moet in 2018 leiden tot nieuwe bestuurlijke afspraken die recht doen aan de belangen van alle betrokken partijen.

Toezicht op de Noordzee en de Waddenzee


Een zorgvuldige omgang met het cultureel erfgoed onder water is belangrijk. De Erfgoedinspectie heeft het bewustzijn van dit belang bij andere toezichthouders en handhavers te water verder vergroot.
De minister van OCW gaat het UNESCO-verdrag voor de bescherming van het cultureel erfgoed onder water ratificeren.  (UNESCO-2001). De Erfgoedinspectie is als toezichthouder nauw bij dit proces betrokken.

Gemeenten werden in 2017 bevraagd over hun kennis van en ervaringen met archeologische monumentenzorg

Archeologische rijksmonumenten 


Het blijvend intact houden van archeologische vindplaatsen is een Europees streven, vastgelegd in het Verdrag van Malta. Van rijkswege beschermde archeologische monumenten in Nederland mogen niet beschadigd of vernietigd worden. Zonder vergunning van het Rijk mogen zij niet verstoord worden. Met de nieuwe Omgevingswet op komst wordt naar alle waarschijnlijkheid de vergunningverlening bij de gemeente belegd en niet langer bij het Rijk. Met het oog hierop heeft de Erfgoedinspectie de aandacht verlegd van monumenteigenaren naar de gemeenten waarbinnen archeologische rijksmonumenten liggen. In 2017 is een gespreksronde gestart langs twintig gemeenten. Zij worden bevraagd over de manier waarop zij archeologiebeleid uitvoeren waar het gaat om waardevolle terreinen binnen hun gemeentegrenzen, en over hun kennis van en ervaringen met archeologische rijksmonumenten. Zo wordt onderzocht of gemeenten toegerust zijn om de taak van vergunningverlening van het Rijk over te nemen. Eind 2018 brengt de Erfgoedinspectie hiervan verslag uit.

Scheepsarcheologisch depot


In 2017 zijn de werkzaamheden van het Nederlands Instituut voor Scheepsarcheologie beëindigd, en samen met de collectie en een deel van de uitrusting overgedragen aan Batavialand. Beoogd werd Batavialand aan te wijzen als scheepsarcheologisch depot (artikel 5.8 lid 3 van de Erfgoedwet). Op verzoek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft de Erfgoedinspectie beoordeeld of Batavialand op dit moment geschikt is voor deze functie. Naar het oordeel van de inspectie was dat (nog) niet het geval. De aanbevelingen van de Erfgoedinspectie hebben ertoe geleid dat de zekerstelling van nadere investeringen en verbeteringen wenselijk wordt geacht voordat tot aanwijzing wordt overgegaan.

Inspecties museale beheerders 

Bij vijf van de zeven museale beheerders die pas kort onder toezicht van de Erfgoedinspectie vallen zijn voor het eerst inspecties uitgevoerd. Op grond van de Erfgoedwet hebben deze beheerders een beheertaak voor hun museale collecties en ontvangen zij hiervoor subsidie van het ministerie van OCW. De inspecties zijn uitgevoerd bij:

  • Keramiekmuseum Princessehof
  • Glasmuseum
  • Teylers Museum
  • Joods Historisch Museum
  • Literatuurmuseum. 

De inspectierapporten zijn gepubliceerd op de website van de Erfgoedinspectie. In 2018 volgen de inspectierapporten van het Fotomuseum en het Persmuseum (inmiddels gefuseerd met het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid).

Ook is een inspectie uitgevoerd bij het Marechausseemuseum, dat deel uitmaakt van de Koninklijke Stichting Defensiemusea. Dit museum valt door wijziging van het museale bestel bij het ministerie van Defensie voor het eerst onder het toezicht van de Erfgoedinspectie. Ook dit inspectierapport is gepubliceerd op de website van de Erfgoedinspectie.

Follow-up eerdere inspecties

Bij alle 29 museale beheerders die in de periode 2014-2015 zijn geïnspecteerd, is de Erfgoedinspectie nagegaan of zij de aanbevelingen in de inspectierapporten hebben uitgevoerd. Vastgesteld is dat de musea in de meeste gevallen verbeteringen hebben doorgevoerd of, waar deze meer tijd vergen, in uitvoering hebben genomen. Zo nemen meerdere beheerders maatregelen om hun depotsituatie te verbeteren of de registratie van de collectie verder op orde te brengen. De Erfgoedinspectie blijft de verbetering van de meest kritische knelpunten in het beheer monitoren.

Nationaal beschermde cultuurgoederen

De Erfgoedinspectie heeft 47 controles uitgevoerd op de geregistreerde verblijfplaatsen in Nederland van wettelijk beschermde cultuurgoederen en verzamelingen. 
In 2017 zijn twee nieuwe verzamelingen aangewezen en geïnspecteerd. Er zijn geen tekortkomingen geconstateerd.  

Langdurig uitstaande bruiklenen 

Het onderzoek naar langdurig uitstaande bruiklenen is in 2017 gestart. Naast literatuurstudie zijn gegevens ook door middel van een digitale thematische vragenlijst in de tweejaarlijkse monitor van de Erfgoedinspectie verzameld. In 2018 staan de analyse van de onderzoeksgegevens en publicatie van een themarapport op de agenda.  

Toezicht op professionele organisaties voor monumentenbehoud (POM’s) 


In 2017 heeft de Erfgoedinspectie kennismakingsbezoeken aan de POM’s gebracht. Ten slotte is eind 2017 de ‘monitor POM’ opgesteld, een tweejaarlijkse digitale vragenlijst die begin 2018 voor het eerst aan alle POM’s wordt verstuurd.